De klok van Arnemuiden

Als de klok van Arnemuiden,
welkom thuis voor ons zal luiden,
wordt de vreugde soms vermengd met droefenis
als een schip op zee gebleven is.

Wendt het roer, we komen thuis gevaren.
Rijk was de buit maar bang en zwaar de nacht.
Land in zicht en onze ogen staren
naar de kust die lokkend op ons wacht.

Als de klok van Arnemuiden,
welkom thuis voor ons zal luiden,
wordt de vreugde soms vermengd met droefenis
als een schip op zee gebleven is.

Rijke zee, waarvan de vissers dromen.
Want jij geeft brood aan man en vrouw en kind.
Wrede zee, jij hebt zoveel genomen.
In jouw schoot rust menig trouwe vrind.

Als de klok van Arnemuiden,
welkom thuis voor ons zal luiden,
wordt de vreugde soms vermengd met droefenis
als een schip op zee gebleven is.