Curacao

Oh, oh, oh, (2x)
Wij gaan u verlaten, eiland Curaçao, wij gaan u verlaten, eiland Curaçao.

Curaçao, ‘k heb jou zo menigmaal bekeken.
En al jouw loze streken, die stane mij niet aan.
Want al jouw loze streken, die stane mij niet aan.
Daarom ga ik vertrekken naar waar’k kom vandaan.‘

Kwam laatst, met haast al door het Herenstraatje. Men sprak:
m’n lieve maatje, kom zet u hier wat neer.
En drink dan eens een glaasje en rook een pijp tabak.
Dan met die loze streken raakt het geld wel uit de zak.

Oh, oh, oh, (2x)
Wij gaan u verlaten, eiland Curaçao, wij gaan u verlaten, eiland Curaçao.

Een zoen, kan doen, een hele nacht doen blijven.
Dan hoort men niet het kijven van onze officier.
Zo raken wij aan’t dwalen, zo dronken als een zwijn.
Het schip ligt voor de palen, aan boord moeten we zijn.

Laat ons eens blij tesaam de glazen klinken
en lustig nog eens drinken, wij gaan naar Holland toe.
Adieu, Karzouse meisjes, o vaderlandse bruid.
Nu drinken wij voor’t laatst onze glazen uit.

Oh, oh, oh, (2x)
Wij gaan u verlaten, eiland Curaçao, wij gaan u verlaten, eiland Curaçao.

Maak los, die tros, de voor- en achtertouwen.
Ik kan’t niet langer houwen, ik ga naar Holland toe.
Waar kun je beter wezen dan bij je eigen vrouw.
Verwenst zijn al die meiden van ’t eiland Curaçao.

Oh, oh, oh, (2x)
Wij gaan u verlaten, eiland Curaçao, wij gaan u verlaten, eiland Curaçao